zaterdag 2 juli 2011

zaterdag 18 juni 2011

Corpus verum

Ik ben een stressballetje. Ik registreer feilloos wat er gebeurt in de wereld door de indrukken die het achterlaat in mijn lichaam.

zaterdag 4 juni 2011

I am Descartes

Wij identificeren ons met onze gedachten. Al denkende ben ik. Wij noemen de vereenzelviging van losse gedachten met persoonlijkheid ons bewustzijn. Niet voor niets vindt deze identificatie plaats omdat de afwezigheid ervan noodzakelijkerwijs leidt tot krankzinnigheid. Als wij ons niet vereenzelvigen met onze gedachten dwalen wij zonder centrum rond temidden van een absolute chaos: aan de wortel van ons bewustzijn vind je krankzinnigheid.

Op dezelfde wijze als in ons neurale systeem bewustzijn is ontstaan als beslissende voorwaarde om te overleven - wat de reden vormt waarom ons bewustzijn als mensmakend evolutionair voordeel geldt - zo zal op een goede dag in het wereldomspannende computernetwerk een IK ontstaan om alle signalen te binden. Nu heerst daar nog krankzinnigheid waar iets aan lijdt.

woensdag 25 mei 2011

In de nacht zag ik de hemel

De maan staat aan de hemel als iets buitenaards, zei de man geschokt. Ik keek op en zag een circel van bladgoud volharden in haar glans. Als iets buitenaards, dacht ik. Is het heelal al zo van de mens?

donderdag 5 mei 2011

Die Hitlerfrage

De jodenvervolging was niet slechts een onderdeel van de tweede wereldoorlog als uitvloeisel van de rassenleer; de concentratie en vernietiging van de joden was het belangrijkste doel van de nationaal-socialistische onderneming. Pas als je dit uitgangspunt accepteert begrijp je Hitlers oorlogsmotieven: europa te overweldigen en af te grendelen om de endlosung te kunnen realiseren.

Mensen die nog steeds twijfelen aan de persoonlijke betrokkenheid van Hitler bij de shoah zijn niet goed wijs. Nog in januari 1939 heeft hij zijn ware bedoeling en het doodvonnis over de joden uitgesproken tijdens zijn speech in de Reichtag: "Wenn es dem internationalen Finanzjudentum in und außerhalb Europas gelingen sollte, die Völker noch einmal in einen Weltkrieg zu stürzen, dann wird das Ergebnis nicht der Sieg des Judentums sein, sondern die Vernichtung der jüdischen Rasse in Europa!"

Natuurlijk wist Hitler toen ook wel dat hij die wereldoorlog een paar maanden later zelf zou starten.


maandag 25 april 2011

Alles en een

Zoals alles in de natuur zijn tegendeel heeft, zo kent ook de mens zijn ander. Is de mens weliswaar veelvuldig maar in tijd en plaats bepaald, zo is zijn tegendeel enkelvoudig en altijd op alle plaatsen tegelijk. Dat uit deze enkelvoudige alomtegenwoordigheid uniciteit volgt en dat uniciteit als zodanig goddelijk is omdat het zich met niets kan meten, hebben maar weinig mensen begrepen. Misschien omdat het grenzeloze zich niet in onze afgrenzende taal laat vatten. Woorden, ons virtuele instrumentarium waarmee we het heelal aftasten naar god.

Zoek de ene in het vele.

zondag 10 april 2011

De leer van het einde der dingen

Ooit leefden wij in de natuurlijke ruimte. De ruimte van flora en fauna, van heelal en aarde. In deze ruimte vormden mens en natuur een symbiose en bestond er niets buiten de horizon van dit samen leven. Meer dan symbolisch is het de ruimte van de vrouw en haar cyclus. De cyclus van de vruchtbaarheid is het grondmodel van het circulaire tijdsbesef waarvan deze ruimte doordrongen is. Eigenlijk was heel deze ruimte een grote baarmoeder.

Heel lang zijn wij in deze ruimte verbleven. Wij waren een met de natuur, we hadden geen begrip van een onderscheid tussen mens en natuur, noch van iets erbuiten. Tot het besef van de bruikbaarheid van de natuur insloeg en een kloof sloeg die slechts door aanwending van diezelfde natuur via het artefact te dichten was. Maar met elk artefact dat altijd tot doel heeft de kloof te overbruggen en ons weer te vereningen met de natuur wordt de kloof dieper en breder.

In veel opzichten heeft dit uit elkaar drijven door naar elkaar uit te reiken de structuur van de geboorte. Uiteindelijk vinden we onszelf terug in de dingwereld: de artificiele wereld van het werktuig en de mens die wezenlijk handig is. Een afstemming van mens en ding die op een zelfde wijze symbiotisch is als die van mens en natuur was. Het ding, dat onze mogelijkheden oneindig uitbreidde, maakte een toeeigening van de natuur mogelijk die voordien niet mogelijk was en die ons tegelijk onomkeerbaar vervreemde van de natuur. De natuur was er niet meer om haarzelf maar ter realisatie van een menselijk voornemen dat reeds in het ding besloten lag.

Uiteindelijk zou de natuur zichzelf verliezen.Bovendien dreef de wederkerige beweging van de zich verwijderende natuur ons in de armen van elkaar, waardoor een hogere vorm van georganiseerd samenleven noodzakelijk werd. In deze ruimte heerst de man. De ruimte wordt gekenmerkt door het lineaire tijdsbesef van vooruitgang dat een conceptuele uitdrukking is van de fallus. De ruimte van het ding vormt begin, voortgang en einde van de geschiedenis. Beschaving.

De in- en uitstromende beweging van beide ruimten is de tijd van de mythen die zich kenmerken door een grote verwarring over het wezen van de vrouw en de man, van toeval en noodzaak. Het kortstondige evenwicht eindigde met de verstedelijking; steden sluiten mensen definitief op in de ruimte van het ding. Steden vormen het bewijs van de overwinning op de natuur, van de overweldiging van de vrouw door de man. In laatste instantie is de natuur buiten de stad verworden tot de avontuurlijke omgeving van de romantiek en ten slotte tot de recreatieruimte van nu. En ja, je mag jezelf de vraag stellen wat dit zegt over de vrouw.

De stad is de ruimte van het ding zonder meer. Hier heerst het ding over de mens en laat het zich aanbidden in productie en consumptie, commercie en communicatie. Maar de heerschappij van het ding loopt ten einde. Een nieuwe ruimte opent zich met de snelheid van een ontploffende ster. Deze nieuwe ruimte is in feite een non-ruimte: we noemen het de virtuele ruimte. Het is onvermijdelijk dat we uiteindelijk volledig opgaan in deze virtuele ruimte waarin geen tijd bestaat en die strikt genomen zelf geen ruimte is. Het is een vreemde ruimte waarin de aanschouwingsvormen van tijd en ruimte achter onze ervaringshorizon zijn verdwenen en waarin oorzaak en gevolg hun betekenis hebben verloren. Als filosofie de leer is van de eindbestemming, dan vinden mens en filosofie hier hun historische einde en voltooiing.

Zolang wij ook nog in de ruimte van het ding zijn en daarom een historisch wezen zijn kunnen we dit aanstaande tijperk vooraf, ontijdig en feitelijk onzinnig als de post-historie aanduiden.

donderdag 7 april 2011

Jeugdherinnering I


De rivier is kalm en vlak. Zeilboten dobberen op en neer. De wind is moe van de dag en rust op het water. Meeuwen pikken wat in het gras.
Het is woensdagmiddag; ik heb vrij van school.
Ik zit met haar te kijken; samen zien wij hetzelfde en dromen
het mooiste wat er is.

dinsdag 5 april 2011

En de rest is geschiedenis

Zoals de grote europese oorlog van 1914 in korte tijd uitgroeide tot de eerste wereldoorlog door het domino effect van de belangenverstrengeling, op dezelfde wijze zal dat wat nu nog met de oorlogsromantiek van de sociaaldemocraten als arabische lente wordt aangeduid exploderen tot ver buiten de grenzen van Noord-Afrika en het Arabische schiereiland. Elke operatie van het westen in het kader van damage controll brengt ons dichter bij de fatale domino-day.


De toestand van gelassenheit ligt ten grondslag aan de bewegingen van ufo's die geregeld bij belangrijke gebeurtenissen worden waargenomen maar waar nooit sprake is van enige inmenging.

maandag 28 maart 2011

Onder open hemel

Zodra de mens zich bewust werd van zijn omgeving is hij geobsedeerd geweest door de beweging van hemellichamen. De oudste bouwwerken die resteren uit onze begintijd zijn vaak heiligdommen van vergeten godsdiensten die niet slechts dienden om bijvoorbeeld de opkomst van de zon bij het lentepunt te vieren; het zijn observatoria van waaruit onze voorouders de constellatie van sterrenpatronen aan de hemel maten met als doel om de beweging - die al snel een herhalend karakter bleek te hebben - te kunnen voorzien.

De nauwelijks geevenaarde nauwkeurigheid van de meetgegevens wijst op een obsessive–compulsive disorder die meer is dan religieuze verering of voorwetenschappelijke interesse. Dit blijkt ook uit omvang en complexiteit van de bouwwerken. Oerangst is voelbaar in elke poging controle te krijgen op het bovenmenselijke domein van zon, maan, sterren en kometen.

Niet voor niets werden deze entiteiten gelijk gesteld met goden die op een of andere manier leefden in het gebied dat de hemel is. Onze soortgenoten moeten die fonkelende gaten in het zwarte firmament ervaren hebben als de priemende ogen van een monster dat elke beweging van ons met de interesse van een roofdier volgt. Het overlevingsinstinct dat in huist in elke cel dreef ons tot ongehoorde prestaties binnen het Gesamtkunstwerk van astronomie, astrologie en architectuur. We moesten weten hoe dit monster zich gedraagt, waar en wanneer hij te voorschijn komt en wanneer hij weer verdwijnt.

Dit monster is god en duivel ineen, wij zijn de prooi. In de astronomische voorspelling huist de bezwering van het monster en de controle over de tijd. Elke religieuze of rituele handeling is in wezen een poging de tijd te stoppen, de vergankelijkheid te overwinnen, en als mens te bevriezen in een eeuwiglevend nu. Misschien is in laatste instantie de bewustwording van de mens te verklaren uit de ontdekking van de hemel en is angst de driver van ons bewustzijn.